Gaan we de demonstraties tegen kernenergie dan toch nog begrijpen?

In mijn vorige post, over de vraag naar het lijden en God, kwam wel Japan ter sprake, maar nauwelijks de kernramp die zich daar lijkt te voltrekken. Toch houdt me dat ook erg bezig. Ik ben opgegroeid op zo'n 30 kilometer van de kerncentrale in Borssele. De vader van een vriend op de middelbare school werkte bij de kerncentrale. Ik kan me wel herinneren dat ik soms een beetje bang was voor problemen bij de kerncentrale (vermoedelijk kort na 1986, na de ramp bij Tsjernobil) maar gek genoeg weet ik pas sinds een week hoe een kerncentrale energie opwekt. Voor de vraag waarom er in mijn jeugd zo heftig gedemonstreerd werd tegen kernenergie, had ik eigenlijk helemaal geen belangstelling. Kernenergie was er gewoon.

Kernenergie als vorm van hoogmoed
Nu, wat ouder geworden en na de gebeurtenissen in Fukushima, ga je er ineens anders tegenaan kijken. Tegen allerlei aspecten. Bijvoorbeeld tegen de enorm heftige emoties die kernenergie in de jaren zeventig en tachtig kennelijk losmaakte. Wat was daar eigenlijk aan de hand? Dat ging kennelijk over veel meer dan zomaar de vraag of een bepaalde vorm van energie een verstandige keuze was of niet. Misschien ging het ook nog wel over veel meer dan alleen de vraag of onze kinderen voor de verwerking van het afval op moeten draaien.
Vanuit een bepaald perspectief is kernenergie een bundeling van een enorm vertrouwen in ons technisch kunnen en economische macht. Het staat zogezegd voor het toppunt van de maakbaarheid van het bestaan. Een kerncentrale zou je dan kunnen zien als een afgodstempel van de moderne mens. Dan begrijp je ook beter waarom de linkse kerk er zo op tegen was. Technisch geldt dat omdat bij een kernsplijtingsproces enorme krachten vrijkomen. Dat zijn, zo blijkt nu maar weer bij Fukushima, krachten die voor de mens nauwelijks beheersbaar zijn. Daar zit hem dus de technische greep naar de macht. Wij kunnen die krachten beheersen. We weten hoe de wetten van de natuur zich gedragen en dus kunnen we systemen bedenken die die krachten in de hand houden, hoe groot ze ook zijn. De economische hybris zit er dan in dat we die natuurkundige almacht denken te kunnen inzetten voor de maximalisatie van onze welvaart, gesymboliseerd in dat waar een westerse samenleving een ontembare behoefte aan heeft: energie!

Het noodlottige vergeten
Wat we nu zien in Fukushima, is het fenomeen van het noodlottige vergeten: wij mensen hebben een beperkte blikruimte. De kennis die we vergaren is nooit zomaar de complete blik op de werkelijkheid, maar onze beperkte kijk op die werkelijkheid, waarbij we allerlei factoren bewust en onbewust buiten beschouwing laten. Zo willen we gewoon niet weten dat de kerncentrale in Fukushima op een tsunami gebouwd is van rond de 5 meter. Net zo goed willen we ook gewoon even niet weten dat de dijken om onze rivieren op een overstroming zijn gebouwd die volgens onze statistieken eens in de zoveel jaar plaatsvindt. Het is veilig. Alles voldoet aan onze normen (die norm stond op 5 meter, of op één keer in de zoveel jaar). De controleerbaarheid en maakbaarheid van het bestaan leeft van het vergeten van de normen, zodat het net lijkt alsof die normen geen onheil meer mogelijk maken.

Het bijzondere van kernenergie en het gewone van de natuurwetenschappen
Daar zit hem dan wel de kneep als het om kernenergie gaat. Dat was inderdaad het temmen van een enorme leeuw, de leeuw van de natuur. De radioactiviteit kunnen we meten en afgrenzen. De hitte kunnen we koelen en binnen de perken houden, met wel drie circuits van reservekoeling. Totdat het misgaat en het vervelende is: je kunt nooit van te voren helemaal afgrenzen dat het misgaat. Wie kan ons vertellen hoe hoog de volgende tsunami in Japan zal zijn? Dan blijkt dat kernenergie echt iets van een Leviathan heeft, een zeemonster, omdat de gevolgen bij een ernstig incident niet te overzien zijn. De greep naar de absolute macht eindigt dan in een sarcofaag van zand en beton, die duizenden jaren zal moeten blijven staan, zie Tsjernobil. Dan moeten er grote offers gebracht worden aan god kernenergie. Wie heeft er geen intens medelijden met de medewerkers van Tepco, die hun leven opofferen voor hun volksgenoten (of moet je zeggen: voor het bedrijf dat hen destijds heeft aangenomen met de belofte van totale bescherming van hun veiligheid)?
Het vertrouwen in wetenschappelijke experimenten is in het westen aan een dubbelzinnig fenomeen onderhevig. Nog altijd neemt het vertrouwen in technisch kunnen en natuurwetenschappelijke objectiviteit toe. Aan de andere kant weten we theoretisch heel goed dat wetenschappelijk onderzoek niet waardevrij is. Dat inzicht gebruiken we ook in de politiek, net als het ons uitkomt.Wetenschappers zelf kunnen met dat inzicht eigenlijk niet goed werken. Het geloof in de subjectiviteit van hun onderzoeken en de daarmee gegeven oncontroleerbaarheid van hun resultaten is de doodsteek voor hun discours.
Toch, juist omdat onze cultuur helemaal doortrokken is van de behoefte aan controle en objectiviteit, neemt de behoefte aan objectiviteit bij bijvoorbeeld NWO alleen maar toe, ook al liet de wetenschapsfilosofie van de tweede helft van de twintigste eeuw juist een enorm interesse in de subjectiviteit van wetenschappelijk onderzoek zien.

Leren
Van de ramp in Fukushima zouden we moeten kunnen leren dat wetenschap niet waardevrij is, maar dan op een veel fundamenteler niveau. Wetenschappelijke resultaten zijn altijd ingebed in maatschappelijke en economische belangen en wensen. De eerste vraag die je daarom bij een wetenschappelijk onderzoek of een technologisch project zou moeten stellen is niet: klopt het intern, dat ook, maar: waarom wil je dit weten? Wie ben jij dat jij dit wilt weten? Wie zijn wij als samenleving dat we dit op deze manier doen? Het is natuurlijk onzin om te zeggen dat de kerncentrale in Borssele het product is van een paar wetenschappers of een demonisch energiebedrijf. Dat de kerncentrale in Borssele er staat, is het product van een maatschappelijke consensus of in ieder geval meerderheid (de linkervleugel van politiek Nederland is altijd tegen die centrale geweest).
Ik denk eigenlijk dat Fukushima de doodsteek gaat zijn voor kernenergie en de gebeurtenissen overziend ben ik daar allesbehalve rouwig om. Dat einde van de kernenergie zal overigens vermoedelijk niet het resultaat zijn van een diep bezonnen overwegen van onze menselijke nietigheid. Het zal waarschijnlijk het resultaat zijn van de fundamentele angst over de wortels van ons bestaan, aangewakkerd door de alomtegenwoordigheid van de moderne informatiesamenleving. Goed, dan is die energie toch nog ergens goed voor.

Reacties

Populaire posts